Week 47 - Heerlijck duurzaam

COLUMN: week 47-2018 / Wim Daniëls - Schrijver en columnist

De fiets, de trein, de auto

Ik mag graag fietsen. Dat is altijd zo geweest. Ik kom uit een fietsfamilie. Niemand bij ons thuis had een auto of brommer. Niemand had ook een rijbewijs; mijn ouders hadden er geen, mijn broers niet en mijn zus had er evenmin een. Ikzelf haalde uiteindelijk wel een rijbewijs. Ik was toen een heel eind in de twintig. Ik voelde me er op de een of andere manier schuldig over. Alsof ik gezwicht was voor iets waarvoor je niet hoorde te zwichten.
Sinds ik een rijbewijs heb, heb ik ook een auto. Niet vanaf het begin dezelfde natuurlijk. Sinds pakweg tien jaar rijd ik in een auto die een klein beetje elektrisch is. Eerst in een Toyota Prius, waarvan de benzinemotor zichzelf uitschakelde als ik voor een stoplicht stond en die vervolgens op de elektromotor optrok. Daarna in een Toyota Prius plug-in. Veel stelt het elektrische deel hiervan niet voor. In theorie kun je met een opgeladen accu (oplaadtijd ongeveer een uur) 25 kilometer elektrisch rijden. In de praktijk blijkt het amper 20 kilometer te zijn en als het heel koud is, zijn het er nog maar een schamele 18. Het is bijna een lachertje, al schijnt het wel zo te zijn dat een gemiddelde autorit in Nederland 17,5 kilometer bestrijkt.
Maar liever dan in die heel-klein-beetje-elektrische-auto zit ik op de fiets of in de trein. Of op de fiets naar de trein. Dat is maar zo’n tien minuten. Een kaartje kopen voor de trein hoeft tegenwoordig niet meer. Inchecken is het toverwoord bij de NS. En vanaf het station dat mijn uitvalsbasis is, Eindhoven, vertrekken zo vaak treinen dat ik niet eens meer hoef te letten op de vertrektijden. Als je op het perron staat, staat er al een trein klaar of er komt er snel eentje voorrijden.
De fiets is qua vervoermiddel het allerfijnst, vind ik. Je hebt er de grootste vrijheid mee. Je kunt er overal mee komen. Je kunt anderen vanaf de fiets gemakkelijk groeten en als je een beetje doortrapt, word je er lekker moe van, zodat je aan het einde van de dag snel in slaap valt. Het is natuurlijk ook niet voor niets dat ik een boek over de fiets heb geschreven, ‘De taal van de fiets’, dat net zo goed ‘De liefde voor de fiets’ als titel had kunnen hebben. Want dat heb ik: liefde voor de fiets.

foto Wim Daniëls (duurzaam)

meer duurzaamheid >>